Oponthoud

 

Soms blijven dingen langer aan je knagen dan je wilt, zelfs als je dood bent. Of misschien juist dan. Je wordt wakker en het knaagt en het blijft de hele dag maar zeuren…

Wie ben ik? Waar kom ik vandaan? Waar ga ik naartoe?

Het zijn niet eens míjn eigen unieke levensvragen, was het maar waar! Het zijn de drie grote universele vragen die de mens zichzelf al sinds mensenheugenis stelt.

Ik ga die vragen zeker niet oplossen, maar ik merk wel dat ik ze met het verstrijken der jaren en het vervullen van loondiensten aan de kant geschoven heb. Daardoor heb ik het zeker niet minder naar mijn zin gehad…integendeel; ik heb twaalf jaar in het onderwijs gewerkt als leraar tekenen en handvaardigheid en 22 jaar als illustrator,columnist en webredacteur bij een dagblad in het Noorden des lands en daarna nog eens een eigen speelgoedbedrijfje in schrijven en tekenen.

 

Het waren allemaal eerbare beroepen en bezigheden, die mij in meer dan voldoende mate sociaal, creatief en financieel hebben verrijkt. Vanaf nu wil ik meer

 

Bewustzijn tot nu toe...

 

De antwoorden en de vragen lijken haast elke dag op en mee te schuiven. Zo gaan ze geruisloos de volgende dag in. De volgende week. Het volgend jaar. Daar hoef je zelf niet veel voor te doen.

 

Een paar maanden geleden schreef ik op:

 

Bewustijn is niet van jezelf. Het wekt de schijn persoonlijk en uniek eigendom  te zijn, maar het is slechts een tijdelijke plaatsing op de stoel van de hersenen.

 

De ervaring van dit zelfbewustijn is een briljante schijnbeweging van wat wij God noemen. 

Het mechanisme wordt bestuurd door de ervaring van ruimte en tijd. Fenomenen die in zich zelf geen bestaansrecht hebben.

De prijs die we ervoor betalen is het gevoel van afgescheidenheid. We zijn doodsbang het te verliezen en klampen ons er met een allesdoordringende greep aan vast, waardoor we ons, paradoxaal genoeg, steeds verder verwijderen van dat waar we eigenlijk naar op zoek zijn. Zodat we steeds meer de modder worden waarin ooit de oorspronkelijke adem ingeblazen werd.

Maar dan leeg en kaal en tot de rand toe gevud met overbodige kennis.

 

Schreef ik, dacht ik. Misschien is het volgende maand wel weer anders. Maar dit is het. Voor dit moment.

 

Het kleine voertuig

 

Het lichaam.

Als je aan een kind vraagt wat het aan zijn lichaam zou willen veranderen hoor je: Ik wou dat ik hele lange armen had dan kon ik alles pakken...of:  Ik zou vleugels willen hebben. Dan kan ik overal overheen vliegen!

 

Hoe pijnlijk en in schril contrast met wat je als volwassene wilt: minder rimpels, een oog dat wat minder hangt...minder gewicht, veel minder gewicht. Vrouwen lijden vaak aan nog veel meer aan verontrustende ongemakken. Dan heb ik nog geluk. 

Aandacht voor het lichaam kan veel in de weg staan. Voor je het weet gaat je aandacht alleen nog maar daar naar uit.

Eerst maar eens kijken welke functies verstoord zijn...welke reparaties er zijn verricht...dan de brandstof, voorzieningen en een goede schuil- of bergplek voor het lichaam.

 

 

 

Reparaties/mankementen
Er gaat van alles kapot en dat moet gerepareerd.
Ik weeg mij en lees 104,7 op de weegschaal. Bij mijn lengte (182 cm) zou dat 82 kg moeten zijn.
 
Doktoren beloven mij een langer leven als ik 22,4 kg kwijtraak. Ook kan ik mijn beginnende COPD stoppen als ik met roken ophoud. Er zit eiwit in mijn urine en dat moet ook weer op een aanvaardbaar peil komen. 
 
Er zijn dingen die je zelf in de hand hebt, maar de shortlist wordt allengs langer. Tijd voor een overzicht. De stand van zaken tot nu toe...

De brandstof

 

Bhante Seelagawesi, een Srilankese monnik, die jaarlijks Groningen bezoekt vertelde eens dat hij maar éen keer per dag een maaltijd nam. Dat had naast het vasten het voordeel dat je maar een keer per dag met eten bezig was.

Wat een tijd en vooral ruimte komt er vrij. 's Ochtends, 's middags, 's avonds en daar tussendoor en erna...en niet alleen dat je keuzes maakt voor het gewenste voedsel ...ook het ophalen ervan kost buitensporig veel aandacht en tijd.

Ik denk aan water en brood. De basis zoals we die ook ooit verschaften aan gevangenen. Genoeg om van te leven, te weinig om je op te verheugen of perspectief te geven.

Siardus, een Friese abt, nam éen dag in de week genoegen met dit basismaa, terwijl hij diezelfde dag anderen voorzag van een rijk maal. Maar wat heb je nu eigenlijk minimaal nodig? Dat is de vraag.

 

En hoe kom je daar aan? Kun je daar zelf in voorzien of heb je daar anderen bij nodig?

Voorzieningen

Buiten de brandstof, het water, het brood en de zuurstof heeft het lichaam regelmatig onderhoud nodig. Het moet gewassen worden, de tanden moeten gepoetst, de nagels geknipt.

Schuil-, opbergplek

Het lichaam moet, in dit klimaat, warm gehouden worden.